Pensioenen

Wat zijn de alternatieven?
Het AOW-pensioen is een levenslang pensioen dat na je 65e levensjaar afhankelijk is van je verplicht verzekerde jaren. Mensen die alleen afhankelijk zijn van hun AOW hebben het doorgaans niet breed. Je zult dus in de jaren ervoor moeten sparen om een aanvulling te krijgen op je AOW te hebben.

Dit bij-sparen kan op onder andere de volgende manieren:

Pensioen via de werkgever: tijdens je werkzame periode kan je een pensioen opbouwen via de werkgever. In de meeste gevallen is dit zelfs verplicht.
De werkgever rekent meestal volgens het middeltoonsysteem; je dient 70% van je gemiddelde loon over je werkzame periode bij elkaar te sparen via het pensioen. De AOW is onderdeel van deze 70%

Een lijfrenteverzekering; veel mensen halen de 70% niet en hebben een pensioentekort (een zogenoemd AOW gat). Om na je 65e levensjaar toch voldoende inkomen naast de AOW en het pensioen te hebben, kun je met een lijfrente deze tekorten 'aanvullen' door vooraf jaarlijks geld te storten in een lijfrenteverzekering. Je premie is dan vervolgens in aftrek te nemen van de belasting en wordt na je 65e als uitkering periodiek uitgekeerd.

Eigen vermogen: uiteraard hoef je niet (volledig) afhankelijk te zijn van de AOW, een pensioen of een lijfrenteverzekering.
Je dient dan wel voldoende middelen te hebben om van te leven of dit aan te vullen; je hebt bijvoorbeeld voldoende gespaard, huurinkomsten uit beleggingspanden of inkomsten uit overige beleggingen.
Echter is dit niet voor iedereen weggelegd. Omdat de AOW een verplichte volksverzekering is, zijn er niet veel alternatieven om deze te vervangen.
Je kunt er als gemoedsbezwaren wel van afzien, maar dat is niet écht een alternatief.

Tegenwoordig kun u via uw DigiD zien hoeveel pensioen je heb opgebouwd. zie https://www.mijnpensioenoverzicht.nl:443/register-web/introductie?cid=186071